Neststerfte bij kanaries en Europese vogels

NESTSTERFTE BIJ KANARIES EN EUROPESE VOGELS

Het verlangen van de mens om vogels te houden en kweken, bestaat reeds zeer lang. In de West Europese landen zijn we al een hele tijd bezig met het kweken van kanaries en vinken. De eerste boeken hieromtrent dateren van goed 300 jaar geleden. Hervieux de Chanteloup schreef namelijk in Parijs in 1713 een boek over “de kweek, voeding en verzorging van kanaries” die destijds gehouden werden voor hun vorm, hun mooie kleur en uiteraard de zang. 
Voor sommigen gaat het louter om het verzorgen en het genieten van hun zang en kleurenpracht. Als gedreven kweker zijn we immers fier om mooie vogels te kweken, nieuwe posturen te zien ontstaan en op zoek te gaan naar allerlei kleurmutaties. Velen onder ons nemen deel aan nationale en internationale tentoonstellingen om mee te dingen naar een beloning voor dit werk. Uiteraard kunnen commerciële doeleinden soms ook meespelen.

Dit alles heeft geleid tot een “intensieve kweek van vogels”. Om de hieraan bestede tijd efficiënt te gebruiken, worden de kweekvogels ondergebracht in een minimaal noodzakelijk volume. Deze kweekruimten zijn beter te onderhouden en te controleren.
Deze intensieve kweek en selectie vraagt echter veel van de liefhebber en dan spreken we nog niet over tijdbesteding en dagelijkse verzorging. De moderne kweek vraagt immers ook inzicht in een aantal genetische achtergronden en kennis van bepaalde ziekten wegens de toenemende gevoeligheid voor bepaalde aandoeningen. Het is heden ten dage vaak noodzakelijk om zich diergeneeskundig te laten begeleiden en zich te wapenen met enkele hulpmiddelen. 

Een goede kweek begint natuurlijk met een goede voorbereiding en daarom kan het belangrijk zijn om een 8-tal weken voor de kweek een check up te (laten) doen en een aantal zaken op te starten:

Medisch onderzoek 

Door de moeilijkheden van het voorbije kweekseizoen te evalueren, kan men beter op zoek gaan naar verborgen ziekten. Dit gebeurt best met een algemeen fysisch onderzoek van een aantal kweekparen gekoppeld aan analyses van kropswab en mestonderzoek.

Preventieve aanpak van bekende ziekte problemen

Vaak wordt preventief een behandeling opgestart tegen coccidiose en/of atoxoplasmose met een medicatie via het drinkwater. Voor sommige vogelsoorten komt ook een ontworming in aanmerking.

Ontsmetten en hygiëne van kweekruimte

Om ziektekiemen geen kans te geven is het raadzaam om vooraf alle materialen in de kweekruimte grondig te ontsmetten. Hiervoor dient men eerst alles te reinigen, pas daarna kan een doeltreffend ontsmettingsmiddel gebruikt worden om zowel virussen, bacteriën als schimmels aan te pakken.

Bloedluispreventie

De laatste jaren hebben we, gezien de warme en langdurende zomertemperaturen, heel wat moeilijk controleerbare uitbraken van bloedluizen gekend. Gelukkig mogen we rekenen op enkele nieuwe innovatieve middelen om dit onder controle te houden. Vraag raad aan uw dierenarts wat betreft het gebruik van deze nieuwe technieken.

Toedienen van de juiste vitamines en voedingssupplementen

Om de kweekvogels optimaal voor te bereiden gebeurt dit best in het voorjaar via het drinkwater. In de aanzet van de kweek eten de vogels immers nog maar weinig eivoer, zodat ze volledig afhankelijk zijn van hun (sobere) zaadmengeling, al dan niet aangevuld met wat extra’s.

Lichtmanipulatie

Kanaries hebben minimum 14 uren daglichtlengte nodig om met de kweek te starten (nestbouw en eiproductie). Bij deze hoeveelheid lichturen zijn ze ook in staat om hun jongen voldoende voedsel te geven en groot te brengen.
Het aantal uren lichtlengte en de cyclus van het licht zijn uiterst determinerend om de kweek te behouden of af te breken. Wanneer men de daglichtlengte aan te grote schommelingen blootstelt, zullen de vogels hormonale prikkels krijgen met een negatieve feedback. Dit kan tot gevolg hebben dat ze stoppen met kweken en vroegtijdig in de rui gaan. Er bestaan twee methoden om de daglichtlengte te manipuleren.

Methode 1: geleidelijk opdrijven van de daglichtlengte: 
Hierbij gaat men elke week geleidelijk meer en meer lichtlengte geven. De periode om van 8 uur natuurlijk daglichtlengte naar 11 uur te gaan is niet zo belangrijk en mag plots gebeuren. Indien men vanaf dan per week 30 minuten opdrijft (eventueel 2x een kwartier) heeft men nog 6 weken nodig om de gewenste 14 u voor het koppelen te bereiken.

Methode 2: onmiddellijk de volle lichtlengte: 
Men kan ook plots de daglichtlengte naar 15 uur brengen. De vogels zullen op deze manier na 3 à 4 weken in broedconditie zijn maar ze zijn minder goed voorbereid om een heel kweekseizoen goed te presteren. Desondanks zijn er kwekers, vooral kleurkanaries, die met deze methode behoorlijke resultaten halen.

Zweetziekte

Ondanks een goede voorbereiding, zijn er bij de kweek van kanaries en Europese vogels toch nog grote verliezen van nestjongen door een bacteriële diarree die ontstaat tijdens de eerste levensweek. Aan de kweekvogels zelf is niets te merken, zij voederen de jongen uitstekend. Doordat de uitwerpselen van de jongen niet meer omhuld zijn door een vliesje kunnen deze niet meer uit het nest geworpen worden. Hierdoor krijgt men natte nesten; het nestmateriaal wordt namelijk vuil en nat. Tevens zal de kweekpop vaak een nat onderlijf krijgen gezien ze op een bevuild nat nest zit. Men spreekt dan van “zweetziekte”.

Natte nest
Natte nest
Zweetziekte
Zweetziekte

Het is mogelijk om dit te voorkomen door heel selectief en tijdelijk aan de pasgeboren jongen een medicatie te verstrekken die de bacteriële diarree verhinderd. Testen in de praktijk leren dat deze bescherming enkel nodig is gedurende de eerste levensweek, dus tot aan het ringen van de jongen. De behandeling start één dag voor het uitkomen. De toediening gebeurt via het drinkwater en wordt op die manier door de ouders aan de jongen gegeven. Het product “Starter Mix” (Flagellamix) bevat een uitstekende combinatie om deze natte nesten problematiek volledig onder controle te krijgen.

Atoxoplasmose

Een ander groot probleem bij de kweek van kanaries en Europese vogels is momenteel de aanwezigheid van coccidiose en atoxoplasmose. Deze parasitaire infecties veroorzaken een slechte kweek, dikke levers, gezwollen darmlussen, krakende ademhaling en af en toe zelfs evenwichtsstoornissen. De kweek gaat algemeen slecht en veel jonge vogels raken niet door hun eerste rui heen en sterven.

Dikke lever
Dikke lever
Atoxoplasma inclusies in lever en milt
Atoxoplasma inclusies in lever en milt

Secundair komen daar steeds virale of schimmelinfecties bij. Zo zien we de laatste jaren het verschijnen van de zwarte stip (circo virus) wat oorzaak is van sterfte in de eerste levensdagen. Ook worden we steeds meer geconfronteerd met “megabacteriën“ (macrorabdus ornithogaster), een schimmel in de maag die een slechte vertering en het wegkwijnen van jonge, net zelfstandige vogels met zich meebrengt.

Zwarte stip
Zwarte stip
Mega bacteriën
Mega bacteriën

Sinds 20 jaar maken we gebruik van allerlei sulfamiden maar niet altijd met de beste resultaten en tevens met een aantal nevenwerkingen. Er was een nieuwe poging om deze ziekte bij onze siervogels te bestrijden met Toltrazuril via het drinkwater (= Baycox), maar jammer genoeg met onvoldoende resultaat en tevens met enkele praktische moeilijkheden bij een correcte toediening.

Nieuwe studies met soortgelijke producten in de pluimvee industrie wijzen op een gigantisch succes wat betreft de preventie van coccidiose. Het werkingsmechanisme en de veiligheid zijn intussen goed bekend en kunnen geëxtrapoleerd worden naar onze siervogels. Grog New is een perfect geschikt middel om deze problematiek tijdens de kweek van kanaries en vinken preventief aan te pakken. Dit voedingssupplement kan als premix via het eivoer verstrekt worden gedurende de gehele kweek. Er kan het best gestart worden op het moment dat de eerste jongen geboren worden en dit totdat ze goed zelfstandig zijn.


Dr. Peter Coutteel, vogeldierenarts in dierenartsencentrum Trigenio, 
Dorsel 38, 2560 Nijlen, België – www.trigenio.be 

Meer info over Starter Mix en Grog New op www.pantex-coutteel.com